
Geen uitbreiding olievlek?
23.11.2006 10.27u - Onderzoek van de VUB-politicologen Wille en Deschouwer naar aanleiding van de recente gemeenteraadsverkiezingen zou aangeven dat de Franstalige partijen aan geen electorale opmars bezig zijn in de Vlaamse Rand en dat de vrees van veel Vlamingen ongegrond zou zijn. “Hoewel er almaar meer Franstaligen Brussel ruilen voor de Rand blijft het aantal zuiver Franstalige stemmen onveranderd. Steeds meer Franstaligen verhuizen naar de Rand, maar politiek willen zij zich niet zo uiten”, aldus professor Kris Deschouwer (De Morgen, 23.11.2006).
Hij maakt echter onmiddellijk een uitzondering op zijn algemene stelling en verklaart in dezelfde krant dat de “faciliteitengemeenten een heel apart verhaal vormen. Ze gelden almaar meer als een oasis francophone (…) In 1976 haalden de Franstalige lijsten voor de zes samen 60%, in 2006 is dat 75%”.
De Vlaamse media koppen: “Franstalige olievlek breidt niet uit in de Rand”, maar gaan hiermee wel uit de bocht. Heel wat feiten wijzen wel degelijk in de richting van een toenemende Franstalige druk.
Laten we eerst even de toestand in de zes faciliteitengemeenten onder ogen nemen. Daar ziet de toestand er voor de Vlamingen inderdaad helemaal niet rooskleurig uit. In Kraainem verliezen de Vlamingen hun schepenzetel. Ze behouden 5 zetels, maar de Franstaligen halen er 18. In Wemmel, zo meldt De Standaard (09.10.2006), verliest een tweetalige Lijst van de Burgemeester ten voordele van de nieuwe francofone lijst ‘Intérêts Communaux’. In Wezembeek-Oppem haalden de Vlamingen de vorige keer al geen schepenzetel, wat ook dit keer niet lukt met de lijst OPEN. De Vlaamse lijst Accent in Drogenbos raakt zijn tweede zetel kwijt, terwijl de ‘Union des Francophones’, de lijst waarmee de radicale Franstaligen in Vlaams-Brabant naar de stembus trokken, zes zetels haalt! In Linkebeek zetelen er 8 Nederlandstalige raadsleden, waarvan 2 op de Vlaamse lijst, tegen 17 Franstalige.
De Vlaamse Rand dan. Waar de politicologen het vandaan halen dat de Franstalige partijen daar geen vooruitgang zouden boeken, is ons een raadsel. De Vlaamse Rand rond Brussel werd helemaal niet gespaard. In Vilvoorde bezetten de Franstaligen nu 3 zetels (en 10,45% van de stemmen). In Zaventem wint de ‘Union des Francophones’ ook een zetel bij, waar ze nu 20% van de stemmen aantrekt.
Dat er wel degelijk sprake is van een toenemende Franstalige druk op de Vlaamse Rand bewijzen cijfergegevens van het Nederlandstalig onderwijs in de Vlaamse Rand. “In de basisscholen van de Vlaamse gemeenten rond Brussel en de faciliteitengemeenten steeg het aantal anderstalige leerlingen het voorbije schooljaar tot 31%”, verklapt De Standaard (30.09.2006). In Gazet van Antwerpen (30.09.2006) klinkt het: “De groei is volledig toe te schrijven aan de toename van het aantal anderstalige kinderen, want het aantal Vlaamse kinderen neemt daarentegen af” (Actueel, 03.10.2006).
De naakte cijfers zijn effectief alarmerend: in de 113 Nederlandstalige basisscholen in de Vlaamse Rand lopen 31.609 kinderen school. Thuis spreken er van hen 9.788 een andere taal dan het Nederlands. Recordhouders in deze discipline zijn de basisschool van het gemeenschapsonderwijs in Vilvoorde met 86% anderstalige kinderen, de vrije kleuterschool van Zellik met 80% en de basisschool van het gemeenschapsonderwijs in Sint-Pieters-Leeuw met 71% anderstalige kinderen. Dat is de toestand in de Vlaamse Rand.
Wij zouden graag geloven dat “de verfransing van de Rand stagneert” (Het Laatste Nieuws, 23.11.2006). Maar de feiten spreken de wensdromen van sommigen tegen. Tot spijt van wie ’t benijdt.
Wat gebeurde er dag op dag 6 jaar geleden op 23 november? Klik hier.
|