Nieuws
donderdag, 21 dec 2023

Vlaams Belang blijft weg uit laatste zitting van het jaar van de Senaat

Foto: wikimedia commons. François Lambregts. Vlaams Belang blijft weg uit laatste zitting van het jaar van de Senaat

Het Vlaams Belang zal op vrijdag 22 december niet deelnemen aan de zitting van de Senaat. “Eerder hadden we al aangekondigd dat wij onze deelname aan deze zittingen zouden laten afhangen van het al dan niet zinvol karakter ervan”, zegt fractievoorzitter in de Senaat Guy D’haeseleer. “En na beoordeling hiervan is wegblijven onze enige optie.”

Vandaag staan er slechts drie resoluties op de agenda. “Ik wil niet beweren dat sommige thema’s die daarin behandeld worden, in tegenstelling tot sommige andere, niet van belang zouden zijn, maar het gaat hier over teksten die geen enkel gevolg zullen hebben of krijgen”, aldus D’haeseleer. “Wat is het nut daarvan? Dit is niets anders dan bezigheidstherapie om een instelling die virtueel dood is toch kunstmatig in leven te houden, en als Vlaams Belang passen wij daarvoor.”

“Senaatsvoorzitter D’Hose is nooit haar beloftes aangaande de afschaffing van de Senaat nagekomen”

Met haar afwezigheid wil de partij ook andermaal een signaal geven over de nutteloosheid van deze instelling. “De mensen begrijpen niet dat de Senaat niet wordt opgedoekt, maar een aantal, in essentie Franstalige, partijen blijven daar hardnekkig aan vasthouden”, gaat D’haeseleer verder. “Misschien zal dit hen toch eens tot nadenken stemmen, al maken we ons daar niet te veel illusies over.”

Het Vlaams Belang wil op deze manier ook Senaatsvoorzitter Stephanie D’Hose (Open Vld) met de neus op de weinig verheffende feiten duwen, namelijk dat zij haar beloftes uit het verleden om de discussie op gang te brengen over de afschaffing van deze instelling niet is nagekomen. “Het enige waar de Senaat juridisch in essentie nog bevoegd voor is, is de hervorming der instellingen, maar net datgene schuift men zo ver mogelijk van zich af, om te beginnen wat de Senaat zelf betreft”, besluit D’haeseleer. “In de plaats daarvan houdt men zich bezig met allerlei zaken waarvoor men niet in het minste bevoegd is en waarvan de maatschappelijke meerwaarde nul is.”