Geschiedenis

Toen de Volksunie op 25 mei 1977 het Egmontpact ondertekende, was de maat voor heel wat nationalisten vol. Dit pact, dat de VU in een regering zou doen samenwerken met het Vlaamshatende FDF, betekende een uitverkoop van het nationalistische VU-programma.

Een groep radicale nationalisten rond Karel Dillen kon dit niet langer aanzien en richtte  op 1 oktober 1977 de Vlaams Nationale Partij (VNP) op. Samen met de iets later opgerichte Vlaamse Volkspartij van ex-VU-senator Lode Claes trekken beiden samen onder de kartelnaam ‘Vlaams Blok’ naar de verkiezingen van 17 december 1978. Karel Dillen wordt in Antwerpen verkozen, terwijl Lode Claes in Brussel naast een zetel grijpt. Uiteindelijk smelten de VNP en de radicale vleugel van de VVP samen in een nieuwe partij 'Vlaams Blok'. Belangrijkste programmapunt is onmiskenbaar het streven naar Vlaamse onafhankelijkheid.

Bij de verkiezingen van 8 november 1981 en 13 oktober 1985 behoudt het Vlaams Blok zijn enige zetel te Antwerpen. Karel Dillen treedt af als Kamerlid voor Gerolf Annemans in 1987. Terwijl het Vlaams Blok zich in de beginperiode bijna uitsluitend op de communautaire problemen profileert, zet de partij zich later als nationalistische partij meer en meer af tegen het multiculturele dogma. Het vreemdelingenthema wordt één van de speerpunten van het partijprogramma.

Op 13 december 1987 wint Filip Dewinter een tweede Kamerzetel in Antwerpen voor het Vlaams Blok, terwijl Karel Dillen de eerste Senaatszetel in de wacht sleept. En dat ondanks de laster- en scheldcampagnes van politieke tegenstanders en ongelijke behandeling in de media.

Ook op lokaal vlak breekt het Vlaams Blok door. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 9 oktober 1988 behaalt het Vlaams Blok 17,7% in Antwerpen, wordt daarmee de derde partij in de metropool met 10 op 55 zetels en laat de Volksunie ver achter zich.

Het succes van het Vlaams Blok brengt de machtspositie van de traditionele partijen in gevaar. In 1989 sluiten zij een protocol af dat elke samenwerking met het Vlaams Blok verbiedt, het zogenaamde ‘cordon sanitaire’.

Bij de Europese verkiezingen van 18 juni 1989 blijkt de Vlaams Blok-boodschap (met veel aandacht voor veiligheid en immigratie) opnieuw heel wat kiezers aan te spreken en wordt Karel Dillen verkozen als Europees parlementslid. De andere partijen worden nu echt zenuwachtig, en met reden, want op 24 november 1991 volgt een dijkbreuk. Het Vlaams Blok is zowat de enige winnaar. Het haalt meer dan driemaal zoveel stemmen als in 1987.

Ook de daaropvolgende verkiezingen op 12 juni 1994 voor het Europees parlement zijn succesvol voor het Vlaams Blok. Ondanks de hetze die door de pers en door de meeste tegenstanders gevoerd wordt, wint het een tweede Europese zetel (Frank Vanhecke). En enkele maanden later, bij de gemeenteraadsverkiezingen van 9 oktober 1994 , wordt het Vlaams Blok de grootste partij in Antwerpen. In totaal stuurt het Vlaams Blok die dag 204 vertegenwoordigers naar 86 gemeenteraden. De verankering in het Vlaamse politieke landschap is een feit.

Bij de verkiezingen van 21 mei 1995 doet het Vlaams Blok zijn succes nog eens over. In de Kamer, de Senaat en nu ook in het voor het eerst autonoom verkozen Vlaams Parlement blijft het Vlaams Blok de vierde partij van Vlaanderen.

Op 8 juni 1996 neemt Karel Dillen na 19 jaar ontslag als voorzitter en duidt Europarlementslid Frank Vanhecke als zijn opvolger aan. Ook onder de nieuwe voorzitter blijft het Vlaams Blok het goed doen. Bij de verkiezingen van 13 juni 1999 wordt het Vlaams Blok de derde partij van Vlaanderen en wipt daarbij over de SP. In Brussel wordt het Vlaams Blok zelfs de grootste Vlaamse partij.

Ook de lokale verkiezingen van 8 oktober 2000 worden een groot succes voor het Vlaams Blok. Voorbeelden hiervan zijn scores van 33% in Antwerpen en 25,6% in Mechelen, en het overschrijden van 20%-grens in grote steden als Gent, Sint-Niklaas, Lier, Beringen, …  Ook in de rest van Vlaanderen wordt vooruitgang geboekt.

Op 11 oktober 2000, niet meer dan drie dagen na de verkiezingsoverwinning, wordt het Vlaams Blok via zijn vzw’s voor de rechter gedaagd. Met behulp van het zogenaamde Centrum voor Gelijkheid van Kansen en Racismebestrijding, kortweg het CGKR, en de Liga voor de Rechten van de Mens wil men het Vlaams Blok laten veroordelen voor inbreuken op de wet op het racisme.

Zo een vaart loopt het niet want de Rechtbank van Eerste Aanleg in Brussel verklaart zich op 29 juni 2001 onbevoegd omdat het proces duidelijk politiek geïnspireerd is. Een overwinning dus voor de democratie en het recht op vrije meningsuiting. De verliezende partijen laten het hier niet bij en tekenen samen met het Openbaar Ministerie beroep aan.

Op 26 februari 2003 spreekt het Brusselse Hof van Beroep zich uit over het beroep. Het Hof treedt de stelling bij dat, als er al sprake zou zijn van een inbreuk het om een politiek misdrijf zou gaan en verklaart zich op zijn beurt onbevoegd. Ook de tweede poging om de Vlaams-nationale partij de facto te verbieden mislukt. De bloedhonden van het regime zijn razend en tekenen nu Cassatieberoep aan.

Een paar maand later, op 18 mei 2003, boekt het Vlaams Blok in de nasleep van onder andere de snelbelgwet de grootste overwinning sinds de beruchte datum van 24 november 1991.  De partij behaalt 741.000 stemmen, wat 18% betekent van het electoraat.

Nadat het Hof van Cassatie op 18 november 2003 het arrest van het Hof van Beroep in Brussel heeft verbroken wordt het Hof van Beroep in Gent ingeschakeld om het proces in volle verkiezingstijd én met alle prioriteit nog eens over te doen.  De debatten worden op een drafje afgehandeld en op 21 april volgt de uitspraak.  De rechters veroordelen de partijvzw’s en dus in de praktijk het Vlaams Blok voor ‘het aanzetten tot vreemdelingenhaat’.

De partijtop reageert door de Vlaamse kiezers op te roepen om hier bij de aankomende verkiezingen van 13 juni 2004 een krachtdadig antwoord op te geven.

De oproep valt niet in dovemans oren: de kiezer spreekt het Vlaams Blok vrij en zorgt voor de grootste verkiezingsoverwinning van de partij. Met ruim 24% of nagenoeg 1 miljoen stemmen is het Vlaams Blok niet enkel de grootste Vlaamse, maar zelfs Belgische politieke partij geworden.

Op 9 november 2004 valt het doek voor het Vlaams Blok. Het Hof van Cassatie bevestigt het arrest van Gent en bezegelt hiermee definitief het lot van de partij.

Na de definitieve uitspraak van 9 november 2004 dient het Vlaams Blok zich te beraden over de toekomst. Er wordt beslist om een nieuwe partij op te richten: een partij die met een nieuwe naam, maar met dezelfde mensen en hetzelfde programma groter en sterker dan ooit moet worden. Tijdens het stichtingscongres van zondag 12 december 2004 wordt Vlaams Belang een feit.

De eerste verkiezingen waaraan de partij onder de naam ‘Vlaams Belang’ deelneemt, zijn de lokale verkiezingen van 8 oktober 2006. De partij zet een sterk resultaat neer. In vergelijking met de gemeenteraadsverkiezingen van 2000 stijgt het Vlaams Belang van 459 naar liefst 809 gemeenteraadszetels. De provincieraadsverkiezingen vertonen een zelfde tendens: van 54 provincieraadszetels naar 88.

De verkiezingen voor Kamer en Senaat van 10 juni 2007 bezorgen het Vlaams Belang een dubbel gevoel: in procenten gaat het Vlaams Blok er nog lichtjes op vooruit, maar bij de verdeling van de zetels blijkt dat er toch een zetel moet afgegeven worden in de Kamer. Dit gevoel is ongekend.  Aan een lange rij van verkiezingsoverwinningen was blijkbaar een eind gekomen.

Meningsverschillen aan de top van de partij zorgden voor een nieuwe voorzitterswissel. Bruno Valkeniers neemt op 2 maart 2008 het roer over van Frank Vanhecke en krijgt hiervoor een groot vertrouwen van de achterban. De teneur is echter gezet en na 2009 moet het Vlaams Belang ook in 2010 bij de vervroegde federale verkiezingen een nederlaag slikken.

De verjongingsoperatie komt in een hogere versnelling en de 29 jaar jonge Tom Van Grieken treedt in oktober 2014 aan als nieuwe partijvoorzitter. Meteen de jongste partijvoorzitter ooit in dit land. Zijn aanstelling valt goed bij de aangeslagen achterban en zorgt al vlug voor een nieuwe dynamiek in de partij.  Jonge krachten gesteund door ervaren collega’s doen het Vlaams Belang opnieuw wind in de zeilen krijgen. Die dynamiek wordt daarenboven nog aangewakkerd door het feit dat de N-VA in ruil voor regeringsdeelname alle communautaire dossiers voor 5 jaar heeft laten bevriezen en door het beleid ten aanzien van de vluchtelingen- en asielcrisis die sinds 2015 en (nog steeds) Europa en ons land in zijn greep houdt.

Ondertussen groeit op Europees niveau, zowel binnen als buiten het Europees parlement, ook een hechte samenwerking van het Vlaams Belang met andere Euro-kritische partijen als de Nederlandse PVV, het Franse FN, het Oostenrijkse FPÖ en het Duitse AfD.  Telkens partijen die het in eigen land electoraal zeer goed doen.

TOP