119 miljoen euro voor Volvo: Vlaanderen betaalt rekening voor federaal wanbeleid
Het aangekondigde steunpakket van 119 miljoen euro voor Volvo Car Gent kan op korte termijn jobs helpen veiligstellen, maar lost de fundamentele problemen van onze industrie niet op. Dat stelde Vlaams Parlementslid Kristof Slagmulder (Vlaams Belang) vandaag in de Commissie Economie. “Als dit pakket investeringen en werkgelegenheid in Gent helpt behouden, dan is dat uiteraard positief voor de werknemers”, zegt Slagmulder. “Maar laten we eerlijk zijn: met subsidies los je de structurele problemen van onze industrie niet op. Je koopt er hoogstens wat extra tijd mee.”
Op 29 april stelde Slagmulder al een actuele vraag over de toekomst van Volvo Car Gent. Toen benadrukte de minister-president Matthias Diependaele (N-VA) nog dat er geen reden was tot paniek en wees hij op de sterke troeven van de Gentse vestiging. Intussen blijkt dat de Vlaamse regering een intentieverklaring heeft uitgewerkt met een steunpakket van om en bij de 119 miljoen euro, gespreid over ongeveer tien jaar. Volgens Diependaele gaat het om 9 miljoen euro opleidingssteun, 30 miljoen euro steun voor duurzamer produceren en 80 miljoen euro innovatiesteun. “Dat valt moeilijk te rijmen met de geruststellende boodschap die eind april werd gegeven”, stelt Slagmulder. “Bovendien gaf de minister-president zelf toe dat er in dit dossier geen garanties bestaan, noch van de overheid, noch van de onderneming. Dan is de vraag onvermijdelijk: wat is er vandaag wél afdwingbaar?”
“Ford Genk ontving destijds ook overheidssteun en toekomstbeloftes”
Het Vlaams Belang wijst erop dat de problemen van de Vlaamse industrie al jarenlang bekend zijn: hoge energieprijzen, zware regeldruk, vergunningsproblemen, toenemende buitenlandse concurrentie en vooral de hoge loonkosten. Slagmulder waarschuwt dan ook voor een herhaling van eerdere industriële drama’s. “Ford Genk ontving destijds ook overheidssteun en toekomstbeloftes”, zegt Slagmulder. “Uiteindelijk verdwenen duizenden directe en indirecte jobs. Wat maakt dit dossier fundamenteel anders? Waar blijven de echte garanties inzake investeringen, productie en tewerkstelling? Eerst zien en dan geloven. Iedereen ziet dat het risico bestaat dat nieuwe generaties auto’s uiteindelijk toch naar het buitenland trekken en dat Gent leegloopt zodra de subsidies op zijn.”
Volgens Slagmulder toont dit dossier vooral de fundamentele tegenstelling tussen Vlaams oplapwerk en federaal wanbeleid. Terwijl Vlaanderen miljoenen euro’s op tafel legt om industriële jobs te beschermen, verhoogt de federale regering via de achterdeur de lasten op ploegen- en nachtarbeid door de vrijstelling van bedrijfsvoorheffing stelselmatig af te bouwen. “De loonlasten zijn federaal. De energieheffingen zijn grotendeels federaal. Ook het indexmechanisme is federaal”, besluit het Vlaams Parlementslid. “Vlaanderen kan investeren in infrastructuur, opleiding en een vlotter vergunningenbeleid, maar moet vandaag wel 119 miljoen euro uittrekken om de gevolgen van verkeerde federale beleidskeuzes te verzachten. Dat is Vlaams belastinggeld gebruiken om Belgisch wanbeleid weg te moffelen. Op die manier wordt onze industrie niet sterker gemaakt, maar kunstmatig overeind gehouden.”