Belgische diplomatie kent communautaire scheeftrekking
Binnen de Belgische diplomatie bestaat een opvallende communautaire scheeftrekking op verschillende strategische buitenlandse posten. “Hoewel Vlaanderen de economische motor van het land vormt en de meerderheid van de bevolking vertegenwoordigt, blijken Franstalige diplomaten een overwicht te hebben op een groot aantal diplomatieke posten in de opkomende wereldmachten en in geopolitieke sleutelregio’s”, stelt Vlaams Belang-Kamerlid Britt Huybrechts, die hierover cijfers opvroeg bij minister van Buitenlandse Zaken Maxime Prévot (Les Engagés) vast.
Zo blijkt dat in de BRICS-landen (een samenwerkingsverband tussen Brazilië, Rusland, India, China en Zuid-Afrika) en aanverwante strategische staten liefst 70,6 procent van de posthoofden Franstalig is, tegenover slechts 29,4 procent Nederlandstaligen. Franstalige diplomaten leiden onder meer de Belgische vertegenwoordigingen in Peking, Shanghai, Hongkong, New Delhi, Moskou, Pretoria, Addis Abeba en Abu Dhabi. Ook op enkele van de meest prestigieuze diplomatieke posten binnen de traditionele machtsblokken, zoals Washington D.C., de Belgische vertegenwoordiging bij de Verenigde Naties in New York en Tokio, staat een Franstalig posthoofd aan het roer.
“Bij de posten die vandaag het grootste geopolitieke, economische en diplomatieke gewicht dragen, valt op dat Franstalige diplomaten opvallend sterk vertegenwoordigd zijn”, aldus Huybrechts. “Dat staat in schril contrast met het demografische en economische gewicht van Vlaanderen binnen België. Vlaanderen vertegenwoordigt ongeveer zestig procent van de bevolking en genereert het grootste deel van onze export, maar die realiteit weerspiegelt zich onvoldoende in de hoogste diplomatieke functies.”
“Scheeftrekking blijft voortbestaan onder N-VA-premier”
Opvallend is bovendien dat de federale overheid geen gegevens bijhoudt over de moedertaal of het gewest van herkomst van diplomaten. Enkel de taalrol, die bij diplomaten bepaald wordt door de taal van de opleiding of toelatingsexamen, en niet door de moedertaal of woonplaats, wordt geregistreerd. Daardoor ontbreekt elk structureel inzicht in de werkelijke representativiteit van de Belgische diplomatieke dienst.
Voor het Vlaams Belang bevestigen deze cijfers opnieuw dat de Belgische federale structuren nog steeds gekenmerkt worden door communautaire onevenwichten. “Zeker op de meest strategische posten, waar internationale invloed, economische belangen en geopolitieke besluitvorming samenkomen, blijkt Vlaanderen zwaar ondervertegenwoordigd”, gaat Huybechts verder.
“Dat deze scheeftrekking blijft voortbestaan onder een regering met een N-VA-premier, is bijzonder veelzeggend”, besluit Huybrechts. “Grote woorden over Vlaamse invloed zijn één zaak, maar op de strategische posten waar internationale macht en belangen samenkomen, blijven de oude Belgische evenwichten blijkbaar gewoon overeind.”