Vlaams Belang wil structurele controle op buitenlandse eigendommen van sociale huurders
De Commissie Wonen van het Vlaams Parlement besprak recent een voorstel van decreet van het Vlaams Belang om kandidaat-sociale huurders met een buitenlandse nationaliteit systematisch te controleren op onroerend bezit in het buitenland. Vlaams Parlementslid Michiel Awouters (Vlaams Belang) hekelt dat eigendom in België systematisch wordt gecontroleerd, terwijl buitenlandse eigendom vandaag pas wordt onderzocht wanneer er concrete aanwijzingen van fraude zijn. “Links heeft voortdurend de mond vol van discriminatie, behalve wanneer Vlamingen zelf ongelijk worden behandeld.” Met het voorstel wilde Awouters een systematische verificatie invoeren vóór de toewijzing van een sociale woning. Het voorstel werd echter weggestemd in commissie.
Vandaag kunnen woonmaatschappijen voor controles in het buitenland gespecialiseerde onderzoeksbureaus inschakelen. Vlaanderen betaalt de onderzoekskosten volledig terug wanneer buitenlandse eigendom wordt vastgesteld en voor 75 procent wanneer het onderzoek niets oplevert. Toch is het aantal onderzoeken de jongste jaren sterk teruggevallen. In 2025 werden amper 89 vergoedingsaanvragen ingediend. In 39 gevallen werd effectief buitenlandse eigendom vastgesteld: 43,8 procent van de controles. In 2024 ging het nog om 92 onderzoeken, waarvan er 43 positief waren.
Volgens Awouters toont dat hoge aandeel positieve controles aan dat een systematischer beleid noodzakelijk is. “Bijna 44 procent van de onderzoeken levert effectief buitenlandse eigendom op. Toch controleert Vlaanderen niet systematisch. Wanneer iemand in eigen land een eigendom heeft wordt dat altijd vastgesteld via databanken. Voor eigendommen in het buitenland is er geen systematische controle, enkel bij vermoeden. Nochtans gebeurt het vaak dat personen van buitenlandse afkomst in het thuisland een huis of appartement in eigendom hebben. Dat verschil in behandeling is niet uit te leggen.” Awouters is bijzonder scherp voor de N-VA. “In de commissie gaf de N-VA aan dat ze de doelstelling van ons voorstel deelt, maar uiteindelijk durft ze die doelstelling niet om te zetten in wetgeving. De partij zit met handen en voeten gebonden aan regeringspartij Vooruit. Tegen de eigen achterban zegt men dat sociale fraude hard moet worden aangepakt, maar wanneer er een concreet voorstel op tafel ligt, haakt men af. Zo bedot je je kiezers.”
“N-VA zegt dat ze ons gelijk geeft, maar stemt vervolgens tegen”
Volgens het Vlaams Parlementslid gaat een strengere aanpak van misbruik bovendien hand in hand met het versterken van het draagvlak voor sociale huisvesting. “Wie van de Vlaming verwacht dat hij bijkomende sociale woningen in zijn gemeente of buurt aanvaardt, moet hem ook kunnen garanderen dat de regels eerlijk en consequent worden toegepast. Fraude, verzwegen eigendommen of het niet naleven van de voorwaarden ondergraven dat vertrouwen. Net door misbruik kordaat aan te pakken, kunnen we het draagvlak voor sociale huisvesting versterken en ook de weerstand tegen nieuwe projecten verkleinen.”
Ook de kritiek van N-VA op de juridische haalbaarheid van het voorstel wijst Awouters van de hand. “Wij hebben ons huiswerk gemaakt, er is een legistiek advies geweest van de parlementaire diensten en het is juridisch sluitend”, stelt hij. “We stelden zelfs voor ons voorstel voor advies voor te leggen aan de Raad van State. Op dat moment bleef het opvallend stil bij de andere fracties. Wie werkelijk overtuigd is dat dit juridisch niet standhoudt, zou zo’n toetsing net moeten toejuichen. Dat men daar niet op ingaat, zegt genoeg.”
Voor het Vlaams Belang is het uitgangspunt nochtans bijzonder logisch: wie een sociale woning krijgt, mag geen verboden onroerend bezit hebben, ongeacht of dat vastgoed in Vlaanderen, Marokko, Turkije of elders ligt. “De voorgestelde systematische controle zou allerminst discriminerend zijn, maar net zorgen voor een gelijke toepassing van de regels”, zegt Awouters, “Sociale woningen zijn schaars. Dan is het minste wat de overheid kan doen ervoor zorgen dat ze terechtkomen bij mensen die er daadwerkelijk recht op hebben. Zeker met een wachtlijst van meer dan 215.000 huishoudens.” Het parlementslid hoopt dat zijn voorstel later alsnog inspiratie biedt voor een latere bijsturing van de wetgeving. “Vaak worden voorstellen van ons initieel weggestemd om enkele jaren later alsnog overgenomen te worden door andere partijen”, weet Awouters.