Vlaamse regering start Ventilus en stort Vlamingen in onzekerheid
Vandaag gaan de eerste werken voor Ventilus van start, terwijl de juridische procedures rond het omstreden hoogspanningsproject nog volop aan de gang zijn. Voor Vlaams Parlementslid Carmen Ryheul (Vlaams Belang) is het onverantwoord dat netbeheerder Elia niet wacht op duidelijkheid van de rechtscolleges. “Terwijl gemeenten, omwonenden, landbouwers en bedrijven nog procedures voeren en met fundamentele vragen zitten, rijdt Elia de werf op”, zegt Ryheul. “Zo creëert men bewust voldongen feiten. Het minste wat Elia had kunnen doen, was de uitspraak over de gevraagde schorsing afwachten.”
De onzekerheid bij de getroffen West-Vlamingen blijft intussen groot. Recente berichtgeving over bewoners die hun woning langs het tracé verkopen, illustreert volgens Ryheul hoe zwaar het dossier op mensen weegt. “Wanneer mensen na jaren van onzekerheid besluiten hun woning achter te laten, kan de Vlaamse regering dat niet zomaar wegzetten als overdreven ongerustheid”, zegt Ryheul. “Ze had van bij het begin moeten zorgen voor transparantie, rechtszekerheid en afdwingbare garanties inzake gezondheid en leefbaarheid. In plaats daarvan zien de mensen vandaag de werken starten terwijl de juridische procedures nog niet eens afgerond zijn. Deze week wordt bovendien cruciaal: bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen wordt duidelijkheid verwacht over de gevraagde schorsing, terwijl de Raad van State op 17 en 18 september de beroepen tegen het GRUP behandelt.”
“Bewoners, landbouwers en ondernemers verdienen beter dan dit”
Ook voor bedrijven, landbouwers, bewoners en eigenaars langs het tracé zijn volgens Ryheul nog te veel essentiële vragen onbeantwoord. Zo is er nog altijd onduidelijkheid over de concrete compensaties en over de manier waarop eventuele schade en hinder zullen worden vergoed. “Dat is de wereld op zijn kop”, gaat het Vlaams Parlementslid verder. “Eerst beginnen bouwen, hinder veroorzaken en mensen voor voldongen feiten plaatsen, en pas daarna volledige duidelijkheid verschaffen over vergoedingen en bescherming. Wie een infrastructuurproject van deze omvang doordrukt, moet vooraf glasheldere garanties geven over gezondheid, schade, compensaties, metingen en handhaving. Bewoners, landbouwers en ondernemers verdienen beter dan dit.”
Ryheul benadrukt dat het Vlaams Belang de nood aan een robuust elektriciteitsnet en energiezekerheid niet betwist, maar dat dit geen vrijgeleide kan zijn om de grote bezorgdheden van duizenden West-Vlamingen naast zich neer te leggen. “Een sterker elektriciteitsnet is noodzakelijk, maar dat betekent niet dat alles daarvoor moet wijken”, besluit Ryheul. “Ventilus is juridisch noch maatschappelijk afgesloten. De rechtscolleges moeten zich nu in alle onafhankelijkheid over de bezwaren kunnen uitspreken. Als de Vlaamse regering en Elia zelf de nodige voorzichtigheid niet aan de dag leggen, dan is het aan de Raad voor Vergunningsbetwistingen om aan de handrem te trekken.”