Persberichten
vrijdag, 13 feb 2026

VRT blijft Vlaams Belang weren uit ontspanningsprogramma’s: amper 3,5% in 2025

De VRT blijft het Vlaams Belang systematisch discrimineren in haar ontspannings- en amusementsprogramma’s. Dat blijkt andermaal uit de cijfers over 2025. “Ondanks het feit dat het Vlaams Belang bij de Vlaamse verkiezingen van 9 juni 2024 22,7% van de stemmen behaalde, komt de partij in VRT-programma’s andere dan nieuws- of duidingsprogramma’s amper aan bod”, zegt Vlaams Parlementslid Anke Van dermeersch (Vlaams Belang), die de cijfers opvroeg bij de Vlaamse mediaminister.

In 2025 werden op de VRT (radio en televisie samen) in totaal 114 politici uitgenodigd in programma’s buiten nieuws en duiding. Daarvan waren er slechts 4 afkomstig van het Vlaams Belang: amper 3,5% van het totaal. Ook afzonderlijk bekeken blijft de scheeftrekking groot: op televisie ging het om 3 optredens op 80 (3,7%), op radio om 1 optreden op 34 (2,9%).

Volgens Van dermeersch is de conclusie helder: “Dit zijn geen toevallige cijfers, dit is een terugkerend patroon.” Zij wijst erop dat “bijna één op vier Vlamingen Vlaams Belang stemt, maar dat diezelfde Vlamingen hun vertegenwoordigers nauwelijks ooit terugzien in VRT-vrijetijdsprogramma’s.” Ze noemt het “onaanvaardbaar dat een openbare omroep, gefinancierd door iedereen, zo selectief omgaat met wie wél en niet zichtbaar mag zijn.”

 “Bijna één op vier Vlamingen stemt Vlaams Belang, maar op de VRT lijkt onze partij niet te bestaan”

Van dermeersch benadrukt dat het probleem verder gaat dan een incident of een ongelukkige samenloop: “Als je jaar na jaar uitkomt op zulke minimale cijfers, dan spreek je over structurele uitsluiting.” Volgens haar “krijgt de kijker zo een vertekend beeld van de democratische realiteit” en “wordt een groot deel van de bevolking gewoon weg gefilterd uit programma’s die net het brede publiek moeten aanspreken”.

Het Vlaams Belang roept de Vlaamse overheid en de Vlaamse Regulator voor de Media op om deze wanverhouding ernstig te nemen. Van dermeersch besluit: “Een openbare omroep hoort alle Vlamingen te dienen. Dat begint met respect voor de democratische verhoudingen, ook buiten nieuws en duiding.”