Falende ontwikkelingsprogramma’s mogen geen blanco cheque krijgen
Het Vlaams Belang hekelt dat minister van Ontwikkelingssamenwerking Maxime Prévot (Les Engagés) geen concrete criteria voorlegt om ontwikkelingsprogramma’s bij tegenvallende resultaten definitief stop te zetten. In zijn antwoord op een schriftelijke vraag van Kamerlid Ellen Samyn (Vlaams Belang) legt de minister vooral de nadruk op opvolging, leren en bijsturing. “Belastinggeld is geen blanco cheque. Wanneer een programma structureel tekortschiet, moet de geldkraan dicht kunnen”, aldus Samyn. “Overigens zijn wij voorstander van de stopzetting van ontwikkelingsprogramma’s.”
Prévot bevestigt dat er geen uniforme resultaatsdrempel bestaat die automatisch bepaalt of er verdere financiering komt. Wanneer resultaten achterblijven, onderzoekt men de oorzaken en mogelijke bijsturingen. “De minister beschrijft uitvoerig hoe men programma’s opvolgt, maar laat de kernvraag onbeantwoord: wanneer zijn de resultaten zo slecht dat België definitief stopt met betalen? Zonder duidelijke grenzen dreigt bijsturen een eindeloos en peperduur verhaal te worden”, aldus Samyn.
Het antwoord bevat bovendien een opmerkelijke vaststelling: België zette de afgelopen vijf jaar geen programma onverwacht stop uitsluitend omdat vooraf vastgelegde resultaatdoelstellingen niet werden behaald. Prévot verklaart dat vanuit een aanpak die leren, risicobeheer en bijsturing verkiest boven automatische sancties. “De minister geeft geen enkel voorbeeld van zo’n stopzetting wegens gemiste doelstellingen. Welke betekenis hebben resultaatdoelstellingen als het niet behalen ervan telkens zonder gevolgen blijft?”, vraagt Samyn zich af.
“Nu men volop bespaart en de Vlaming belast is dit onverantwoord strooien met belastinggeld onaanvaardbaarder dan ooit”
Prévot verwijst ook naar kwaliteitsbeoordelingen voorafgaand aan nieuwe financiering, evenals een hogere minimale kwaliteitsscore voor niet-gouvernementele programma’s in de cyclus 2027–2031. Die toelatingsvoorwaarden beantwoorden echter niet de vraag van Samyn wanneer een lopend programma wegens onvoldoende resultaten dient te stoppen. “Een beoordeling vooraf vervangt geen verantwoording achteraf. De belastingbetaler moet kunnen controleren welke resultaten zijn geld oplevert, en welke gevolgen verbonden zijn aan aanhoudend falen”, gaat het Kamerlid verder.
Het Vlaams Belang vraagt daarom duidelijke, controleerbare stopzettingscriteria, meetbare minimumresultaten en concrete gevolgen wanneer programma’s blijvend tekortschieten. “Zet alle ontwikkelingsprogramma's die geen meetbare resultaten inzake hun hoofddoelstelling voorleggen per direct stop. Nu men volop bespaart en de Vlaming belast is dit onverantwoord strooien met belastinggeld onaanvaardbaarder dan ooit”, besluit Samyn.