RIZIV kan eigen jaarrekening niet opmaken en besteedt miljoenen aan consultancy
Privébedrijven zijn verplicht om jaarlijks hun jaarrekening neer te leggen bij de Nationale Bank van België. “Diezelfde verplichting geldt klaarblijkelijk niet voor overheidsinstanties, met het Rijksinstituut voor Ziekte-en Invaliditeitsverzekering (RIZIV) op kop”, zegt Kamerlid Ellen Samyn (Vlaams Belang) die minister Frank Vandenbroucke (Vooruit) hierover ondervroeg. “Zo kon het Rekenhof pas in 2025 de jaarrekening van 2021 van het RIZIV nakijken. Het RIZIV besloot daarop gebruik te maken van consultancy-diensten en besteedde de hulp bij de opmaak van de jaarrekening uit aan Deloitte.”
“Het is vreemd dat een overheidsinstantie beroep moet doen op een externe consultant voor de opmaak van zijn jaarrekening”, aldus Samyn. “Een privébedrijf dat achterop hinkt met zijn jaarrekeningen, krijgt torenhoge boetes opgelegd. Het is onvoorstelbaar dat een privébedrijf jarenlang zou zeggen dat het niet over de nodige experten beschikt om een jaarrekening op te maken. Maar een overheidsbedrijf kan dit blijkbaar wel gewoon doen en daar bovenop nog eens ontsnappen aan financiële sancties.”
“Is het RIZIV zelf niet in staat om te evalueren hoe efficiënt hun werking is?”
De prijzen van consultants zoals Deloitte zijn niet verwaarloosbaar, zeker niet voor de overheid, die volgens Samyn elke cent twee keer zou moeten omdraaien. Het RIZIV deed beroep op junior en senior boekhoudprofielen, in 2024 kostte deze ondersteuning maar liefst 435.696,45 EUR en in 2025 nog eens 339.724,87 EUR. Voor 2026 heeft het Kamerlid momenteel nog geen cijfers ontvangen, het contract liep ten einde in maart 2026. De kosten stoppen hier echter niet. Het RIZIV liet ook nog een beoordeling uitvoeren van haar werking en efficiëntie waar ook nog een bijkomend prijskaartje aan hing van 29.790,20 EUR. Daarnaast moest Deloitte ook assistentie verlenen bij het aanstellen van een interim transformatie- en programmamanager voor de periode juli 2023 tot en met mei 2025, wat 524.893,14 EUR kostte. Het begeleidingstraject voor de certificering van de jaarrekening kostte daarbovenop nog eens 774.443 EUR. In totaal werd dus 2.104.547,66 EUR uitgegeven bij het RIZIV aan Deloitte-consultancy.
“Is het RIZIV zelf niet in staat om te evalueren hoe efficiënt hun werking is, moest hiervoor beroep gedaan worden op een consultant?”, vraagt Samyn zich af. Het prijskaartje voor deze dienstverlening is misschien in overheidstermen niet het hoogste, maar veel kleine bedragen vormen wel een groot bedrag aan belastinggeld.”
Ondertussen is het RIZIV, zo blijkt uit het antwoord van minister Vandenbroucke, er wel in geslaagd de nodige profielen aan te trekken. “Maar waarom konden de profielen nu wel gevonden konden worden? Dit gaat verder uitgespit moeten worden“, merkt Samyn tot slot op.