Nieuws
dinsdag, 20 jan 2026

Vliegtuigtaks blijkt interessante melkkoe

 

Uit cijfers die federaal parlementslid Britt Huybrechts opvroeg bij de ministers van Mobiliteit en Financiën, blijkt dat de federale vliegtaks, officieel de inschepingstaks (TILEA), jaar na jaar fors meer opbrengt. Tegelijk roept de manier waarop de maatregel wordt opgevolgd en verantwoord steeds meer vragen op.

De taks werd ingevoerd in 2022 en bracht dat jaar nog 20,5 miljoen euro op. In 2023 liep dat bedrag al op tot 40,4 miljoen euro en in 2024 tot 42,3 miljoen euro. Voor 2025 bedraagt de opbrengst tot en met november al 49,8 miljoen euro, waardoor de grens van 50 miljoen euro voor het volledige jaar vrijwel zeker zal worden overschreden. Ook de vooruitzichten voor de komende jaren zijn opvallend. Volgens ramingen van de federale regering zou de vliegtaks tegen het einde van de huidige legislatuur jaarlijks bijna 90 miljoen euro opbrengen. Daarbij moet worden aangetekend dat deze cijfers nog geen rekening houden met de meest recente beleidsbeslissingen, wat betekent dat de uiteindelijke opbrengst zelfs nog hoger kan uitvallen.

Wat volgens Huybrechts vooral opvalt, is dat de stijgende inkomsten samengaan met een blijvend hoog aantal reizigers. Uit de cijfers blijkt dat het aantal inschepingen waarop de taks wordt geheven sinds de invoering niet is gedaald, maar net sterk is toegenomen. Dat wijst erop dat er van een gedragswijziging bij reizigers, nochtans een vaak aangehaald argument bij de invoering van de taks, geen sprake is.

Daarnaast legt de parlementaire vraagstelling een opvallend verschil bloot tussen beleidscommunicatie en budgettaire realiteit. De federale overheid en ook de minister van Mobiliteit Crucke benadrukten herhaaldelijk in het verleden en recent in commissie nog dat de inkomsten uit de vliegtaks zouden worden aangewend om de luchtvaart te vergroenen en stiller te maken. Minister van Financiën Jan Jambon stelt in zijn antwoord echter dat de opbrengsten niet geoormerkt zijn en simpelweg naar de algemene middelen van de federale begroting vloeien.

Tegelijk blijkt dat er vanuit de bevoegde administratie geen evaluatie is gemaakt van de effecten van de taks op het reisgedrag of mogelijke uitwijking naar buitenlandse luchthavens. Dat gebrek aan opvolging voedt de kritiek op wat Huybrechts omschrijft als een afwezige beleidsverantwoordelijkheid: een maatregel met duidelijke financiële impact, maar zonder systematische analyse van de economische of mobiliteitseffecten vooraf.

Voor Vlaams Belang is de conclusie duidelijk. De partij noemt de vliegtaks een platte belasting die haar oorspronkelijke doelstellingen niet waarmaakt. “Alle argumenten die in de vorige legislatuur werden gebruikt om deze taks in te voeren en vandaag zelfs te verhogen, zoals het vergroenen van de vloot en het sturen van het reisgedrag, blijken niet te kloppen,” stelt Britt Huybrechts. “Als er geen gedragswijziging is en de middelen niet worden ingezet waarvoor ze zijn aangekondigd, blijft enkel een gewone belasting over. Daarom werkt Vlaams Belang aan een wetsvoorstel om deze vliegtaks af te schaffen.”