Voorstel voor VGC-subsidieregister weggestemd om drogredenen
Al hun plechtige verklaringen over het belang van openbaarheid van bestuur ten spijt, hebben de meerderheidspartijen in de Commissie Algemene Zaken van de Raad van de Vlaamse Gemeenschapscommissie (VGC) een resolutie van het Vlaams Belang voor de oprichting van een publiek raadpleegbaar subsidieregister weggestemd. “Sommige partijen spelen politieke spelletjes, in plaats van een voorstel dat de burger meer inzicht geeft in de besteding van zijn belastinggeld inhoudelijk eerlijk te beoordelen”, zegt Brussels Parlementslid Bob De Brabandere (Vlaams Belang). “Het College en de Raad erkenden nochtans unaniem het belang van een subsidieregister, maar zodra het erop aankomt om dat engagement te formaliseren, is de steun plots verdwenen. Transparantie is toch geen exclusief eigendom van één partij?”
De VGC beheert en verdeelt jaarlijks immers aanzienlijke publieke middelen voor onder meer cultuur, jeugd en onderwijs, maar een centraal en doorzoekbaar overzicht van deze geldstromen ontbreekt nog steeds. Tijdens de eerdere bespreking van een verwante verordening over de oprichting van een publiek raadpleegbaar VGC-subsidieregister gaf vrijwel elke partij in de Raad aan dat zij de doelstellingen van transparantie en goed bestuur onderschreef. Partijen zoals Groen, Anders en N-VA spraken toen over het belang van openbaarheid en het recht van de burger op informatie, waarbij zelfs werd verwezen naar het succesvolle voorbeeld van het Vlaamse subsidieregister. Ook het College erkende destijds het nut van een dergelijk register en formuleerde een engagement om hier werk van te maken.
“Een subsidieregister is een basisinstrument van democratische controle”
Vandaag moet het Vlaams Belang echter vaststellen dat die mooie woorden snel zijn verdwenen zodra er een concreet voorstel ter stemming lag. De meerderheidspartijen bleken niet consequent in hun stemgedrag. “De weggestemde resolutie was nochtans een doelbewuste poging om integraal tegemoet te komen aan alle eerdere bezwaren over technische haalbaarheid en juridische voorzichtigheid die tijdens de behandeling van de verordening naar voren waren gekomen”, aldus De Brabandere. “In plaats van een onmiddellijke en dwingende invoering stelde ik expliciet een gefaseerd groeipad voor, om de administratie de nodige tijd te geven voor analyse en testing.”
“Desondanks bleven de andere partijen zich verschuilen achter het argument dat het voorstel onnodig zou zijn, gezien de eerdere mondelinge belofte van het College”, vervolgt De Brabandere. “Noem het politieke drogredenen of uitstelgedrag, maar de belangen van de Nederlandstaligen in dit Gewest zijn duidelijk minder waard dan politieke spelletjes.”
“De waarheid is dat elke partij een reden heeft gezocht om niet te hoeven instemmen met een tekst, enkel en alleen omdat deze van het Vlaams Belang kwam. Dit is een beschamende manier van politiek voeren, waarbij de Nederlandstalige Brusselaar het slachtoffer is van een gebrek aan transparantie. Een subsidieregister is geen ideologisch wapen, maar een essentieel democratisch instrument voor controle en efficiëntie”, concludeert De Brabandere. “Transparantie is voor het Vlaams Belang geen loze slogan. Wij zullen dan ook blijven strijden voor een overheid die volledige rekenschap geeft aan de burger over de aanwending van elke euro.”