Rekenhof bevestigt Vlaams Belang-kritiek op inductiejaar en inperking pedagogische studiedagen
Het Rekenhof bevestigt in een nieuw rapport verschillende fundamentele bezorgdheden die het Vlaams Belang heeft geuit over het beleid van Zuhal Demir (N-VA). Zowel de concrete uitwerking van het inductiejaar voor startende leraren als de beslissing om pedagogische studiedagen in te perken, zijn voor het Rekenhof belangrijke knelpunten. “Hiermee wordt bevestigd wat we al verschillende keren hebben aangehaald: Demir jaagt maatregelen erdoor zonder aandacht voor de praktische uitvoerbaarheid op de werkvloer”; zegt Roosmarijn Beckers.
Het Vlaams Belang waarschuwde tijdens de bespreking van de hervormingen al dat het aangekondigde inductiejaar dreigde te verwateren tot een uitbreiding van de bestaande aanvangsbegeleiding, in plaats van een volwaardig en structureel onderdeel van de lerarenloopbaan te worden. Het Rekenhof bevestigt nu dat er onvoldoende garanties zijn dat starters de beloofde ondersteuning effectief krijgen.
De Vlaamse Regering beloofde dat startende leraren 80 procent van hun opdracht zouden opnemen en 20 procent tijd zouden krijgen voor begeleiding en voorbereiding. Volgens het Rekenhof volstaan de voorziene middelen echter niet om elke starter die vrijstelling effectief te geven. “Een inductiejaar waarbij de ene starter wel en de andere starter geen recht heeft op begeleiding, is geen volwaardig inductiejaar. Als de middelen beperkt zijn en scholen keuzes moeten maken, is het recht op ondersteuning in de praktijk afhankelijk van de beschikbare pot”, zegt Beckers.
Ook de financiering zelf schiet volgens het Rekenhof tekort, omdat ze onvoldoende rekening houdt met het werkelijke aantal starters. “Wij hebben gewaarschuwd dat je geen structureel loopbaanbeleid kan bouwen op een systeem gebaseerd op historische cijfers in plaats van op de reële noden van scholen. Een jonge leraar moet bij de start van zijn loopbaan weten op welke ondersteuning hij kan rekenen”, aldus Beckers.
Volgens Beckers toont het rapport daarboven ook aan dat een inductiejaar alleen niet volstaat. “Startende leraren hebben niet alleen nood aan begeleiding, maar ook aan een haalbare eerste opdracht, voldoende tijd om zich in te werken en een schoolorganisatie die hen ondersteunt. Net daar ontbreekt vandaag nog een bredere visie op de lerarenloopbaan.”
“Minder pedagogische studiedagen ondergraaft professionalisering”
Ook over de beperking van pedagogische studiedagen bevestigt het Rekenhof de kritiek van het Vlaams Belang. Volgens het rapport zijn deze dagen vandaag een van de weinige momenten waarop een volledig schoolteam tijdens de werkuren samen kan leren, overleggen en werken aan kwaliteitsverbetering. “De minister spreekt terecht over het belang van kwaliteitsvol onderwijs, maar kwaliteit ontstaat niet alleen door zoveel mogelijk uren leerlingen voor de klas te zetten. Goede leraren moeten ook de kans krijgen om zich bij te scholen, ervaringen uit te wisselen en samen te werken”, zegt Beckers.
Het Vlaams Belang waarschuwde eerder al dat pedagogische studiedagen niet zomaar verloren lestijd zijn. “Een schoolteam dat samenwerkt rond nieuwe leerplannen, didactiek, klasmanagement of leerlingenbegeleiding, investeert rechtstreeks in beter onderwijs. Het Rekenhof bevestigt vandaag dat het beperken van die momenten zonder een volwaardig alternatief risico’s inhoudt.” Volgens Beckers is de beslissing bovendien slecht getimed. “Net nu scholen geconfronteerd worden met nieuwe minimumdoelen, veranderende verwachtingen en steeds complexere uitdagingen, wordt de tijd voor gezamenlijke professionalisering ingeperkt. Dat is de verkeerde richting.”
Voor het Vlaams Belang toont het rapport aan dat het lerarenloopbaanbeleid nood heeft aan meer samenhang in een omvattend loopbaanpact. “Of het nu gaat over startende of ervaren leraren: telkens zien we hetzelfde probleem. De regering wil problemen oplossen met aparte maatregelen, maar vergeet soms de randvoorwaarden die nodig zijn om die maatregelen te laten slagen”, besluit Beckers. “Wie leraren in het beroep wil houden en de onderwijskwaliteit wil versterken, moet investeren in structurele begeleiding, professionele ontwikkeling en werkbare omstandigheden op school. Dat is geen luxe, maar een noodzakelijke voorwaarde voor sterk onderwijs.”